Missen

Wij missen hen ook

Een dialoog met Alex die niet in de Peuterpraat stond, maar wel degelijk met enige regelmaat plaatsvindt, is de volgende:

Het is bedtijd en Alex zit vol verhalen.
“I need to go to the airport, I go to opa en oma. En I bring a koffer.”
“Wat ga je meenemen in de koffer?”
“Eh… a little bit rijst… and chicken… en ketchup.”
“Moet je geen kleertjes meenemen als je op reis gaat?”
“Ja, a little bit kleertjes. En three shovels. En Thomas en Brewster en Irving en Spencer en Salty.” (dat zijn treintjes)
Alex denkt nog even na.
“Opa en oma need to find me on the airport. I stay with opa en oma in a bed. Opa en oma build a bed for me. En I share my eat with opa en oma. I bring spoons. Nova blijft bij papa en mama en Alex bij opa en oma. En daarna gaat Alex weer naar huis.”

Dit gesprek, en vele variaties daarop, hebben we de laatste tijd vaak moeten voeren. Laatst was ik de auto aan het stofzuigen en stond zijn stoel naar voren geschoven. Verheugd concludeerde Alex: “Opa en oma komen!”, omdat hij nog goed wist dat zij steeds op de achterbank zaten. Wanneer hij boos is, mokt hij: “I go to my other home!” (waarmee hij het huis van opa en oma bedoelt). Het houdt hem bezig dat opa en oma ver weg wonen. Als hij vraagt waar de Olympische Spelen zijn en we vertellen hem dat het in Londen is, ‘vlakbij opa en oma’, verwacht hij zijn grootouders elk moment op televisie te kunnen zien. En soms kan het niet duidelijker: “I miss opa en oma.”

Het mag duidelijk zijn: Alex mist zijn grootouders. Allevier. Hij weet dat ze een bed voor hem hebben. Hij weet dat je er met een vliegtuig naar toe kan. Hij weet dat ze hem dolgraag zien. Maar hij snapt absoluut niet waarom het steeds zo lang moet duren. Het heeft dus drieenhalf jaar geduurd, maar nu zijn we op het punt dat we zijn verdriet om zijn ‘afwezige’ grootouders echt kunnen merken. En dat doet een moederhart pijn. Het zal nog wel even duren voordat hij begrijpt dat wij degenen zijn die ver weg wonen en waarom dat zo is. Tot die tijd put hij gelukkig enige troost uit het feit dat hij omringd is met speelgoed en kleding van zijn grootouders en dat ze op die manier toch altijd dichtbij hem zijn.

Peuterpraat #18

Nieuwsgierig baasje

Alex grossiert momenteel in rake uitspraken. Hij is nu vrijwel volledig tweetalig en kan het Nederlands en Engels goed uit elkaar houden. Hij begint typisch Nederlandse uitspraken zelf om te zetten naar het Engels, soms met hilarische gevolgen. We zitten in een fase waarin hij bij alles vraagt: ‘Why?’ al dan niet in combinatie met ‘What is that sound?’. In de auto is het voortdurend ‘What is the name of this street?’ en bij alles wat je doet ‘Why are you doing that, mommy?’ Kortom, Alex kwettert wat af en hopelijk steekt hij van de antwoorden van papa en mama ook nog wat op, ondanks dat bijna elk antwoord wordt opgevolgd met een nieuw ‘Why?’.

Alex rent plotseling naar het toilet en zuslief dribbelt achter hem aan. Even later krijg ik een rapport over wat geschiedde.
“Mam, I made a poop on the potty. Nova kwam kijken naar de poop. Nova is very proud of me. Can I have a lollipop?”

We zijn in de wachtkamer van de kinderarts en het duurt erg lang. Alex vraagt van alles over wat hij ziet, zoals waar de mensen naar toe gaan die hij voorbij ziet lopen. Ik vertel Alex over de verschillende dokters die in het gebouw zijn en wat die doen. Om e.e.a. te verduidelijken vertel ik over mijn gebroken elleboog en hoe de dokter kon zien dat het gebroken was. Als we later bij dr. Lucy binnen zijn, vraagt ze aan Alex hoe het met hem is. Dr. Lucy kijkt geamuseerd toe terwijl Alex druk gebarend vertelt:
“Mama needs to go to the doctor. Mama heeft gebroken botjes. He needs a special photo. Now it is all fixed.”

Het is hot dog dag in de dierentuin. Diverse lekkernijen zijn te koop voor 50 cent; je moet hiervoor wel speciale tickets kopen. Bij de ticket stand geven we Alex anderhalve dollar zodat hij 3 tickets kan kopen. Aarzelend loopt hij naar de dames toe. Een van hen begint tegen hem te praten.
“Hi! Are you ready for a fun day in the zoo? Would you like to buy some tickets?”
Alex kijkt de dame aan, legt stoer een arm op de tafel en begint te vertellen:
“I need three tickets. I’m three. Yeah, I need a hot dog. My name is Alex. He is Nova. He is a toddelet.”
Na deze macho-vertoning en het hele verhaal liggen niet alleen papa en mama maar ook de dames van het standje op de grond van het lachen.

Omdat er enkele mierennesten in de tuin zaten, hebben we de plaats behandeld met een spray. Als we de plaats een paar dagen later bekijken zegt mama:
“Kijk, de miertjes zijn weg.”
Alex: “Waar zijn de miertjes naar toe?”
Mama: “Ik weet het niet, misschien zijn ze wel bij Ethan gaan wonen.”
Alex (roept over het hek naar de buren): “Ethan, hebben jullie miertjes?!”

“I am a dark bear.” (na even nadenken snappen we dat dit Alex’ eigen vertaling is van mama’s opmerking ‘wat ben je toch een bruine beer’)

Hij weet ook het verschil tussen kinderen en volwassenen: “I am a little boy and you are a big people.”

Alex ziet Olympisch schermen op televisie en roept verrukt: “Astronauts!”

Wanneer er een snack of speeltje in beeld is dat Alex niet met zijn zusje wil delen, klinkt het meestal: “This is for boys. This is not for toddelets.”

… en wanneer hij iets moet doen of eten waar hij geen zin in heeft: “Next day, mom, I do it next day.”

Alex volgt het olympisch duiken vol belangstelling. Wanneer een van de dames een mooie sprong maakt, gooit hij zijn handen in de lucht en zegt:
“Nice!”

De kinderen zitten op de kamer van Alex en spelen met de treinbaan. Nova pakt een stuk rails weg en Alex zegt corrigerend:
“Dat was niet de afspraak, Nova.”

Nova begint zoetjesaan een beetje te babbelen. Alex noemt ze ‘Ate’. Als Alex een keer ligt te slapen op de bank gaat ze naar hem toe, aait hem over zijn knie om hem (zonder succes) wakker te maken en zegt “Ate!”. Wanneer Alex wakker wordt, vertellen we hem wat er tijdens zijn dutje is gebeurd. Een dag later zegt Nova weer ‘Ate’. Alex luistert aandachtig.
“Nova zegt Ate.”
“Ja. En wat betekent dat ook alweer?”
“Dat betekent ‘Alex wordt wakker’.”