Een weekend voor baby

Afgelopen weekend was het een vrij plakkerige bedoening. Het was gewoon 35 graden, zoals gebruikelijk, maar er hing onweer in de lucht en dat was goed merkbaar aan de luchtvochtigheid. Geen weer voor al te intensieve activiteit dus. Zaterdag zijn we eens naar Greenville gereden. Rob had van een collega gehoord dat hier een organische supermarkt zit, Earth Fare, met een behoorlijke keuze aan luxe producten. We waren benieuwd en zijn een kijkje gaan nemen. Tot Robs genoegen hebben we hier een lekker stukje echte Franse roombrie gevonden en nog wat andere lekkernijen.

Kribbe in Amerikaanse stijl.Naast de Earth Fare zat een winkel die voor ons minstens zo interessant was: een filiaal van USA Baby. Hier verkopen ze vooral veel meubilair voor kinderkamers en we hebben onze ogen uitgekeken. Schitterende eiken kribbes en bijpassende kasten, de een nog mooier dan de ander. De kribbes zijn tamelijk prijzig, maar ze gaan jaren mee: als je kind groeit kun je de kribbe ombouwen tot een bed (twijfelaar) dus ze kunnen er een poosje mee vooruit.

Met de mooie kribbes nog in ons achterhoofd hebben we zondag in de Hillcrest Mall het nodige geld uitgegeven. We hadden kaartjes voor de film Wall•E en omdat we nog wat tijd over hadden voor de film, zijn we bij omliggende winkels binnengewipt. Van Ross en Michaels wisten we van eerdere bezoeken dat ze daar het een en ander aan baby-artikelen hebben, maar in tegenstelling tot vorige keren gingen we deze keer niet met lege handen naar buiten. Binnen een uur hadden we een aantal babydekentjes en kleertjes en papa Rob had een leuke speelmat in de vorm van een walvis uitgezocht.

Baby's eerste speeltje in de vorm van een walvis.Na de film, die overigens schitterend gemaakt en zeer vertederend was, zijn we verder gereden naar het outlet center in Gaffney. Hier waren we met andere mensen al eens naar toe gegaan voor kinderkleertjes, maar deze keer zijn we iets voor onze eigen kleine gaan uitzoeken. Het is moeilijk om je niet volledig te buiten te gaan aan alle snoezige minikleertjes die je tegenkomt, maar we hadden al een beperkende factor en dat is dat we nog altijd niet weten of het een jongen of een meisje wordt. Alle roze en blauwe spullen, jurkjes en truitjes met tractoren erop konden we laten hangen. Er bleef echter nog genoeg over en met een mooie verzameling zijn we weer thuis gekomen. Zoals het een trotse vader betaamt heeft Rob alvast wat foto’s geknipt, die natuurlijk op Flickr staan.

Een kleine logée

Eerder deze week vroeg Vicki mij of Rob en ik misschien een avondje op Emma wilden passen. Daniel had een verrassingsavondje voor hen samen gepland en nu bleek dat oma niet in de gelegenheid was om op te passen, zochten ze naar een andere oplossing. Omdat het waarschijnlijk een late avond zou worden, zou Emma ook bij ons blijven slapen.

Natuurlijk waren we erg vereerd dat ze hun kleine meid aan ons toevertrouwen en we gingen dan ook direct akkoord. Het zou meteen een mooie oefening zijn voor later, als we zelf een klein hummeltje in huis hebben. Nu wilde het toeval dat Rob donderdagavond, na zijn dagje vrijwilligerswerk, met zijn collega’s uit eten zou zijn, dus stond ik er min of meer alleen voor.

Op de afgesproken tijd kwamen Vicki en Daniel Emma brengen. Voor een enkel nachtje slapen heb je al direct een heleboel spullen nodig: een logeerbedje met dekens, een stapel kleren, luiers, babydoekjes, een fles en poedervoeding, knuffels, een voorleesboek en niet te vergeten een babyfoon. Nadat alles geinstalleerd was, gingen de ouders op pad en was ik samen met Emma.

Zonder mopperen at Emma het eten dat ik voor haar klaargemaakt had en na een poosje spelen was het tijd voor haar bedtijd-ritueel. Een verhaaltje voorlezen, een fles melk, pyama aan en slapen. Ze was blijkbaar erg moe want op de babyfoon hoorde ik geen kik en toen ik om de hoek van de deur keek, lag ze vredig te slapen. Ook toen Rob rond 21.00 thuis kwam, sliep ze gewoon verder.

Emma aan de ontbijttafel.

Toen we vanmorgen gedoucht hadden, ging Rob eens bij Emma kijken en jawel hoor, ze was wakker. Met z’n drieen hebben we ontbeten (het kleine meisje had alweer zo’n reuzenhonger) en toen Rob ging werken wist ze precies waar hij naar toe ging: “Rob works at Milliken”. Toen Vicki haar kwam ophalen, kon ik alleen maar zeggen dat haar dochter zich voorbeeldig had gedragen. Als ons eigen kind ook zo makkelijk wordt, mogen we in onze handen knijpen.

Ploeteren voor een goed doel – een blog van Rob

Het logo van United Way.Als deel van ons jaarlijkse resultaten-overzicht (business review) in de zomer worden er meestal wat speciale activiteiten georganiseerd. Om een voorbeeld te geven, vorig jaar zijn we met het hele Europese team een week naar Barcelona geweest; dit jaar ging de trip naar Italie. Hier in de VS zijn ze een aantal jaren geleden gestopt met de business review buiten het bedrijf te houden omdat de groep gewoon te groot werd. Meestal werd er iets georganiseerd in het kader van teambuilding (golfen, arts & crafts, wandelen etc).

Dit jaar heeft de organisatie besloten om een middag voor het goede doel te gaan werken. De goede doelen werden georganiseerd door de United Way organisatie, een koepel van liefdadigheidsorganisaties die door heel Amerika geld inzamelt om specifieke projecten te steunen. Er waren drie keuzes: kinderen bezig houden in de kinderopvang, schilderen in een nieuw opvangtehuis voor vrouwen of hovenieren bij het Glendale opvangtehuis voor jongens.

Spade.Het Glendale Home for Boys is een opvangtehuis voor jongens die door hun ouders in de steek zijn gelaten of wezen en in hun huidige situatie betekent dat grote slaapzalen, grote eetzalen, weinig privacy en zodoende weinig kans om ervaring op te doen in een familie-achtige situatie. Dit probeert men te verbeteren door de jongens in kleine groepjes te laten wonen in blokhutten in een mooie bosrijke omgeving. De huisjes waren bijna klaar en wat ze nog nodig hadden waren werkers om de tuinen en paden aan te leggen.

Samen met zo’n 25 collega’s heb ik vanmiddag onder de hete zon (35 graden) planten gepoot, stenen versjouwd, potaarde verspreid en wat al niet meer nodig is om een tuin aan te leggen. Gelukkig was het water overvloedig aanwezig want het heeft een paar zweetdruppels gekost. De lokale pers was ook aanwezig om wat foto’s te maken en interviews af te nemen, dus we zullen zien of ik de krant nog haal. Om een uur of half drie was alles zover klaar en kon iedereen naar huis voor een broodnodige douche.

Een afspraak in het Piedmont

Amerika's zwangerschapsbijbel.Het was al weer een maand geleden sinds de vorige afspraak in het Piedmont Womens Healthcare Center, dus vanmorgen was het tijd om te horen hoe het met de baby gaat, en natuurlijk met mij. Voorafgaand aan het gesprek met de dokter worden er in het ‘lab’ altijd een aantal testjes gedaan. Het urinemonster werd goed bevonden, ik was maar een pond aangekomen (hoera! veel minder dan de meeste vrouwen!) en ook het hemoglobineniveau van mijn bloed was prima. Alleen mijn bloeddruk was wat aan de hoge kant (145/70), maar dat had vooral te maken met de zenuwen.

Vandaag hebben we kennis gemaakt met Dr. Davis, een vriendelijke man en één van de vijf artsen in het Piedmont. Tijdens de controles in de eerste maanden leren we ze alle vijf kennen, zodat we tijdens de bevalling in ieder geval geen vreemde voor ons hebben. Dr. Davis gebruikte de Doppler om de hartslag van de baby te vinden en hoewel het zoeken is naar een speld in een hooiberg, is het toch gelukt. Het hartje van de kleine sloeg 150 keer per minuut, wat erop zou kunnen duiden dat de baby een meisje is. Dat is echter niet wetenschappelijk te bewijzen, dus we zullen nog moeten wachten tot begin augustus, wanneer een officiële echo het geslacht zal onthullen.

In het zwangerschapsdagboek kun je alles makkelijk bijhouden.De dokter was erg tevreden over de vooruitgang en mijn gezondheid, maar wilde voor de zekerheid mijn bloeddruk nog een keer meten om zeker te zijn dat ik niet nu al met een te hoge bloeddruk te kampen heb. Gelukkig gaf de tweede meting 129/64 aan, wat al een stuk beter was. Tevreden en gerustgesteld dat alles nog steeds voorbeeldig gaat, konden we weer terug naar huis.

Hoewel we het kopen van kleertjes nog even moeten uitstellen tot we weten of het een jongen of een meisje wordt, hebben we wel al wat literatuur in huis gehaald. Op de boekenplank staan inmiddels de Amerikaanse bijbel op het gebied van zwangerschap: What To Expect When You’re Expecting, het daarop volgende deel What To Expect The First Year en alle ontwikkelingen houden we bij in het bijbehorende zwangerschapsjournaal. Het is natuurlijk onmogelijk om je voor te bereiden op wat er allemaal komen gaat door alleen te lezen, maar er worden wel een heleboel vragen beantwoord tussen je doktersbezoeken in en dat is wel zo prettig.

Cottonwood Trail

Op de Cottonwood Trail.Toen ik afgelopen week wat onderzoek deed voor de blog, kwam ik de melding tegen dat er een mooi wandelgebied bestaat niet ver van het centrum van Spartanburg. Na wat dieper graven ontdekten we waar het precies ligt, wat er te zien is en dat het een mooie besteding is voor een zondag. Zodoende zijn we zondagmorgen naar Fernwood Drive gereden, niet ver van de Hillcrest Mall (waar ook bioscoop Carmike en broodjeszaak Panera liggen) en nadat we in eerste instantie de kleine parkeerplaats misten, parkeerden we de auto bij de tweede poging op de kleine inham naast de weg.

De Cottonwood Trail is een combinatie van een aantal wandelpaden die deels liggen langs het stroompje Lawson’s Fork, een aftakking van de Pacolet rivier. Een deel van het gebied is moerassig en het wandelpad is daar een verhoogd houten pad. De overige paden liggen in dichtbegroeid bosgebied, dat stikt van de vogels en ander leven. Hoewel het nergens specifiek staat aangeduid, denken we dat het pad zijn naam te danken heeft aan de Cottonwood bomen, die grote witte vlokken verspreiden die sterk lijken op katoen. Soms ligt de bodem ermee bezaaid en lijkt het een beetje op sneeuw.

Lawson's Fork.Er is vandaag een grote kans op onweer en dat is goed te voelen. De lucht is drukkend en zwaar, wat een beetje het gevoel geeft alsof je je door door tropisch regenwoud probeert te banen. Enige regen zou overigens geen kwaad kunnen. In dit natuurgebied, waar water een grote rol speelt, staat het water in de Lawson’s Fork zeer laag en het moerasgebied staat ook bijna droog. Waar de bevers in het verleden een dam hebben gebouwd, staat zelfs bijna geen water meer.

Plattegrond van de Cottonwood Trail.We lopen alle trails rondom het moerasgebied en verbazen ons over de rust (geen mens te zien) en de weelderige natuur die in feite midden in de stad ligt. De Cottonwood trail is een goed bewaard geheim! We zijn zeker van plan om ook de paden aan de andere kant een keer te lopen. Bovendien is een wandeling hier goed te combineren met een lekkere sandwich bij Panera!

Oranjebitter

De Vaart was eruit.Tja. Wat moet je er van zeggen? In het voetballen wint niet altijd de beste ploeg (zie bijvoorbeeld de kwartfinale Kroatie – Turkije) maar vandaag was dat wel het geval. De veelbelovende groepswedstrijden van oranje lieten heel Nederland, en velen daarbuiten, denken dat de cup al zo ongeveer binnen was. Maar niets is minder waar: in Basel werden de jongens van Oranje compleet van de mat gespeeld door Rusland. Verdiend gewonnen, ik kan het niet anders zeggen.

Maar waar ging het mis? Werd, zoals wel vaker het geval is, de tegenstander weer eens schromelijk onderschat en was men in gedachten al bij een halve finale tegen Italië of Spanje? Heeft het Nederlandse team te vroeg gepiekt en was het momentum voorbij? Was de druk van de favorietenrol zo groot dat het ‘ons’ uiteindelijk genekt heeft? Of is het gewoon de magie van Guus Hiddink, die van elke middelmatige ploeg een mirakel weet te smeden?

Van der Sar, we zullen hem missen.Als ik de eerste reacties van de Nederlandse spelers lees, geeft iedereen ruiterlijk toe dat Rusland de betere ploeg was en de overwinning zodoende verdiende. Daarin moet ik ze gelijk geven. In 120 minuten voetbal was Nederland niet één keer gevaarlijk. Nergens was iets van de magie te bespeuren die de wereld deed kwijlen tijdens de wedstrijden tegen Italië en Frankrijk. Jammer, want ze kúnnen het dus wel.

Zoals de Amerikanen het zeggen: it’s no use crying over spilled milk.  Maar stiekem keken we wel een beetje uit naar een klein Nederlands feestje volgend weekend, met Hollandse hapjes en een zelfgemaakte ‘hup Holland hup’-spandoek. Over vier jaar nog maar weer eens proberen.

Ons eigen boek!

Het blurb logo.Soms kom je op internet, behalve nieuws en grappige websites, ook wel eens iets nuttigs tegen. Een poosje geleden stuitten wij op www.blurb.com, een website met een lelijke naam maar met een leuke functie: je kunt er je eigen boek maken.

Omdat we over ons verblijf in de VS al het nodige geschreven hadden en bovendien talloze foto’s gemaakt, leek het ons een aardig idee om een en ander in boekvorm te gieten. Wie schrijft, die blijft, nietwaar? Een fotoboek hadden we al eens eerder gemaakt bij Colormailer, maar in dit geval wilden we er graag meer tekst aan toevoegen. Het voordeel van zo’n fotoboek is dat je alles mooi gebundeld hebt, geen witte pagina’s overhoudt in je album, je niet zelf meer hoeft te passen en meten met foto’s en bovendien neemt het boek veel minder plaats in in je kast.

Op Blurb download je wat software en dan kun je aan de slag. Je hebt een eindeloze hoeveelheid layouts, lettertypes en thema’s tot je beschikking dus je kunt je naar hartelust uitleven. Nu zijn Rob en ik geen types voor al te veel frutsels, dus we hebben ons eigen boek vrij simpel gehouden. Het is een samenvatting van de teksten zoals ze eerder op de blog zijn verschenen, vergezeld van de mooiste foto’s die we de afgelopen zes maanden gemaakt hebben.

Het idee van Blurb is dus heel eenvoudig en voor iedereen toegankelijk, of je nu een roman wilt schrijven, een receptenboek wilt maken of net als wij een fotoboek. Maar het is niet alleen lof voor deze website: de software kent nog veel mankementen en kinderziektes die voor de nodige frustratie kunnen zorgen. Desondanks hebben we ons exemplaar deze week opgestuurd dus nu kunnen we vol spanning afwachten wat de post ons binnenkort zal bezorgen. En wie ook benieuwd is, kan alvast een klein kijkje nemen:

By Rob en Joyce Hanssen

Waar we wonen: onze county

Zegel van county Spartanburg.Binnen de staat South Carolina wonen we in de county Spartanburg. ‘County’ kun je vertalen met ‘graafschap’. De term county wordt gebruikt om een gebied aan te duiden met een eigen bestuur dat tussen de kleinere gemeentes en de grotere staat in zit. Elke staat is opgebouwd uit een aantal counties en binnen elke county liggen een heleboel plaatsen van verschillende grootte, zo moet je het ongeveer zien.

De stad Spartanburg is de op een na grootste van de staat South Carolina. In 2000 telde men hier bijna 40.000 inwoners, maar als je de randgemeenten meetelt kom je uit op ongeveer 275.000. Spartanburg bestrijkt een gebied van 50 km2, maar met de buitengebieden erbij is dat een heel stuk groter.

Spartanburg County's sheriffDe naam Spartanburg is naar alle waarschijnlijkheid afgeleid van het Spartan regiment van de South Carolina Militia en bestaat sinds ongeveer 1780. Wat tamelijk uniek is, is dat de plaatsnaam Spartanburg in de hele VS maar één keer voorkomt. De naam Greenville bijvoorbeeld, kom je zo’n 20 keer tegen, er zijn vijf verschillende ‘Hollywoods’ en ook Boiling Springs kun je in veel staten terugvinden.

Hoewel je er nu niet veel meer van terug kunt vinden, was dit gebied vroeger een geliefde jachtgrond voor Cherokee en Catawba indianen. Uit Europa kwamen in vroeger tijden de Fransen om hier op pelsdieren te jagen, Engelsen die hout kwamen halen en de Schotten en Ieren kwamen hun boerenleven hier beproeven. Van al deze geschiedenis zie je tegenwoordig weinig meer, behalve in de achternamen van de huidige bewoners.

Een weekend vol kleine klusjes

Het was weer feest in Bern.Afgelopen vrijdag zijn we het weekend al vroeg (en goed!) begonnen. Rob wilde ook graag naar Oranje kijken en had zodoende vrijdagmiddag vrij genomen. Het was niet voor niks, want aan het eind van de middag zagen we ons legioen de Fransen met 4-1 van het veld spelen. Hoera! We tellen weer mee in Europa! In tegenstelling tot in Nederland werd hier niet druk toeterend rondgereden en met Nederlandse vlaggen gezwaaid, maar de pret was er niet minder om.

Op zaterdag zijn we, na de gebruikelijke boodschappen, op pad gegaan om een aantal dingen te zoeken. Rob wilde graag eens een kijkje nemen in een fotografiewinkel waarover hij gelezen had en ik was zelf nog steeds op zoek naar een fatsoenlijke doos om een aantal spullen naar Eindhoven te sturen. We besloten in diezelfde omgeving ook te lunchen bij het Indiase restaurant Five Spices, maar dit bleek wegens een renovatie uitgerekend deze zaterdag gesloten. Zodoende reden we naar het nabijgelegen Bangkok Thai, dat verrassend genoeg geen lunch had op zaterdag en New China ging pas om 15.00 uur open. Wat was dit nu?! Restaurants die gesloten zijn? Op zaterdag? In Amerika!? Uiteindelijk reden we dus maar door naar downtown Spartanburg en hebben bij het Monsoon Noodle House een lekker bordje Aziatisch besteld.

Op een afstand zijn ze leuk.‘ s Middags zijn we bij Wal-Mart een waterpistool gaan kopen. De eekhoorns en hun vraatzucht komen ons de keel uit en met een echte Super Soaker zullen we ze dat laten weten ook. Rob heeft zich enorm geamuseerd met het oefenen en uiteindelijk echt raken van een hongerige eekhoorn. We zullen eens zien of de koude douche de beesten op andere gedachten zal brengen.

Op zondag zijn we, na een ontbijtje van verse bosbessenpannenkoekjes, naar de stad gereden. Rob klaagt al een tijdje dat zijn schoenen hun beste tijd gehad hebben, dus we zullen eens zien of je in South Carolina ook aan veiligheidsschoenen kunt komen. Omdat het nog vroeg is, en de mall nog dicht, gaan we eerst naar een vroege voorstelling van Kung Fu Panda in de Spartan 16. Dit is een zeer fraai vormgegeven animatiefilm over een panda die ervan droomt om een kung fu held te zijn, maar wanneer hij de uitverkoren ‘Dragon Warrior’ blijkt te zijn om een gevreesde vijand te verslaan, blijkt hij toch wat probleempjes tegen te komen. We hebben de zaal nagenoeg voor ons alleen en spenderen een aangename anderhalf uur met panda Po en zijn kornuiten.

Schoenen kopen... verrassend moeilijk.Van de bioscoop is het maar een paar meter naar het winkelcentrum en dan begint de zoektocht naar nieuwe schoenen voor Rob. Hij heeft er geen zin in, maar blijven klagen heeft ook geen zin, dus het moet maar. Bij Dick’s vinden we alleen sportschoenen en de Footlocker en de Payless hebben ook niet wat we zoeken. Bij Sears vinden we iets aardigs maar Rob is niet volledig overtuigd van de juiste pasvorm, dus ook deze gaan terug in het rek. De verkoopster bij Footlocker vertelt ons dat we bij de iets verderop gelegen Academy waarschijnlijk wel veiligheidsschoenen kunnen vinden. We stappen dus maar weer in de auto en rijden naar deze enorme winkel toe, die werkelijk gigantisch is en vol staat met alles wat Amerikanen ‘sport’ en ‘buitenleven’ vinden. Dat betekent een grote verzameling (jacht)messen, geweren en kogels, pijlen maar gelukkig ook benodigdheden voor ‘echte’ sporten zoals vissen en golf. Ze hebben ook een grote verzameling schoenen, en ja, zelfs veiligheidsschoenen, maar dit zijn bijna allemaal hoge modellen. Het enige paar dat Rob kan vinden dat lekker zit, heeft een fabrieksfout en er is geen tweede paar in dezelfde maat. We hebben dan nog één optie en dat is de Safety Shoe Store, een winkel die alleen veiligheidsschoenen verkoopt maar een eindje verder ligt. We rijden er naar toe en komen er dan achter dat de winkel definitief zijn deuren gesloten heeft. Onverrichterzake gaan we terug naar Boiling Springs. De schoenen die Rob echt zou willen hebben zijn de schoenen die hij nu heeft, dus we zwengelen de computer aan en zoeken de schoenen van GriSport op. Ze blijken gemaakt en geleverd te worden door een bedrijf in Engeland en hoera! Je kunt ook online bestellen. Binnen enkele minuten is de bestelling geplaatst en we zullen zien hoe lang ze erover doen om van de UK naar de VS te komen. Eén ding is zeker: ondanks de verzendkosten zijn ze goedkoper dan hetzelfde paar dat we vorig jaar bij Yankee in Eindhoven hebben gekocht.

Zwanger in de VS

Voor degenen die zich afvragen (waarschijnlijk alle vrouwen die zelf al eens bevallen zijn) hoe een zwangerschap in de VS verloopt, zal ik eens vertellen wat zich tijdens de eerste maanden precies heeft afgespeeld. Toen we zoetjesaan het vermoeden hadden dat ik wel eens zwanger zou kunnen zijn, hebben we eerst een thuistest gehaald bij de apotheek. Deze verkleurde nagenoeg direct naar ‘positief’, hoewel er in de gebruiksaanwijzing stond dat je tot wel drie minuten moest wachten voordat je misschien iets zag. In het doosje zaten twee testjes, dus de volgende ochtend heb ik de tweede test gedaan. Ook positief, dus tijd om actie te ondernemen.

Zwanger?Omdat ik geen flauw idee had tot wie ik me hier moest wenden, heb ik Vicki over mijn vermoedens verteld en gevraagd of ze een suggestie voor me had. Behalve dat ze heel blij voor me was, adviseerde ze me ook naar het Piedmont Women’s Health Center te gaan. Dat is een vrouwenkliniek die in het ziekenhuis van Spartanburg ligt, enkele mijlen verderop aan Highway 9. Zo gezegd, zo gedaan en ik belde het Piedmont, waar ik mijn situatie uitlegde en waar ik een afspraak maakte voor 19 mei.

Natuurlijk was Rob in de week dat ik in het ziekenhuis moest verschijnen op zakenreis in Chicago en omdat ik het niet zag zitten om alleen te gaan, vroeg ik Vicki om met me mee te gaan. Ze was zeer vereerd dat ik haar bij de afspraak wilde hebben en ging maar al te graag met me mee. Een zuster in het Piedmont nam 6 buisjes bloed af (terwijl Vicki en Emma voor afleiding zorgden), mijn bloeddruk werd gemeten en op basis van een urinestaal werd bevestigd dat ik inderdaad zwanger ben! Hoera, goed nieuws!

Eenmaal thuis heb ik Rob direct gebeld om te bevestigen waar we inmiddels al vrij overtuigd van waren. Het duurde nog vijf lange dagen voordat ik hem een dikke knuffel kon geven om het goede nieuws te vieren. Een tweede afspraak in het Piedmont stond inmiddels gepland voor 28 mei. Daar kon Rob wel bij zijn en dat is maar goed ook, want het was een heel bijzonder bezoek.

Born in the USANa opnieuw het gebruikelijke urinestaal (bij ieder bezoek) werd ik onderzocht door Betsy Miller, een registered nurse. Zij deed wat onderzoekjes (dat ik de mannelijke lezers verder zal besparen) en daarna werd Rob uit de wachtkamer geroepen. Het was tijd voor de eerste echo en hoewel onze kleine nog maar 9 1/2 weekjes oud was, bewoog hij/zij al volop. Een hoofdje, armpjes en beentjes, alles zat eraan. Betsy slaagde erin de hartslag van het kindje te vinden en het snel kloppende geluid van een babyhartje vulde de kamer. Ongelooflijk dat zoiets prils zo vol leven kan zijn.

Vol verwondering en met een stapel foto’s van de echo liepen we even later weer buiten. In de lift zagen verschillende mensen ons met de foto’s staan. “Oh wat leuk! Wat wordt het?” vroegen ze direct. Binnen de kortste keren stond iedereen gezellig over babies te babbelen. Amerikanen zijn dol op kleine kinderen, zoveel mag duidelijk zijn. We kijken al weer uit naar onze volgende afspraak op 24 juni.