Wanneer we spreken over mensen met een ernstige ziekte hebben we het wel eens over ondraaglijk lijden. Ze hebben zo vreselijk veel pijn dat het ons zeer doet om er aan te denken. Je kunt je niet voorstellen wat zo iemand moet doormaken, dat zelfs zware pijnstillers niet alles kunnen verzachten. Een hel, een lijdensweg, volledig afzien.

Maar wat als dat lijden geestelijk is? Hoe staan we er tegenover wanneer iemand een verschrikkelijke pijn met zich meedraagt waar geen hulpverlener tegen opgewassen is? Je maakt je zorgen, hoopt voor het beste, je probeert iemand te helpen door een arm over de schouder, een knuffel, een maaltijd brengen, de maalstroom van gedachten doorbreken of door het mooie in het leven aan te wijzen. Maar toch… dat ondraaglijk lijden blijft. Je voelt je machteloos tegen die duisternis die blijft terugkomen ongeacht wat je probeert.
Voor tante Mieke kwam het ondraaglijk lijden gisteren tot een einde. Het is een complete schok, volledig uit het niets. Haar duisternis is voorbij. Voor zij die achterblijven, zijn er vooral vragen. Waarom? Heb ik gefaald? Had ik meer moeten doen? Wist ze wel hoeveel ik van haar houd?
Onze familie moet wederom leren omgaan met een totaal onverwacht verlies. Lieve Mieke, die zo vrolijk was, behulpzaam, een genieter van kleine dingen. Wiens lach ik me zo makkelijk voor de geest kan halen. Haar uitgesproken mening die ze uitte zonder terughoudendheid. Ze was dol op haar familie. Ze was gek met haar vriendinnen. Ze was zo lief voor Alex tijdens onze bezoeken aan Meijel. En wij waren gek op haar. Rust zacht, Mieke. Geef Riek, Sjraar en Ize een dikke knuffel van ons.








Het is 26 mei, 2003. Ik word wakker na een onrustige nacht, want vandaag is de afsluiting van een lange periode van onderzoek, frustratie, zelfbezinning en succes. Vandaag is de verdediging van mijn proefschrift. In de afgelopen dagen zijn de laatste puntjes op de i gezet met het huren van het kostuum en de laatste beslissingen over het feest. Pap en mam komen natuurlijk veel te vroeg om me alvast succes te wensen, Joyce gerust te stellen en om te kijken naar mij in het officiele tenue, dat komt niet zo vaak voor.