Nadat we op zondag 13 april de dag goed besteed hebben aan het fatsoeneren van de tuin is het rond 17.45 tijd om naar Greenville te rijden. Als het goed is staan mijn ouders daar rond 18.30 op het vliegveld. Ze staan dan op het punt om te beginnen aan een vakantie van drie hele weken, die begint en eindigt in Boiling Springs. Het vliegtuig heeft een kleine vertraging maar slechts een kwartiertje later dan gepland lopen mijn ouders ons tegemoet.
Moe van de lange reis en de lange dag kruipen ze op de achterbank van de Pontiac voor hun eerste ritje door dit gigantische land. bij thuiskomst kijken ze hun ogen uit. Hoewel ze de foto’s vaak genoeg hebben gezien is het huis veel groter dan ze gedacht hadden. We eten de goulash die ik eerder op de dag al gemaakt heb en na de koffie kruipen de vermoeide reizigers in bed.
Maandagmorgen, 14 april, zitten we gevieren om de ontbijttafel en vult het huis zich met de geur van ovenverse kaneelbroodjes. Amerikaanser kun je je vakantie niet beginnen! We rijden naar Spartanburg om een indruk te geven van de omgeving waar we wonen. Ook nu kijken mam en pap hun ogen uit: alles is enorm uitgestrekt en weids, echt ontzettend anders dan Nederland waar alles boven op elkaar staat.
In het centrum rijden we eerst naar Wal-Mart en daarna Best Buy voor de aanschaf van een laptop. Die hebben we, met behulp van de ratelende verkoper, snel gevonden. Bij het nabijgelegen Schlotzsky’s eten we een broodje en daarna rijden we verder naar de Westgate Mall. Mijn moeder is het winkelen nog niet verleerd en koopt bij de herenafdeling van Dillard’s een paar poloshirtjes voor Jos. Via Starbucks rijden we verder naar het botanische tuintje dat we onlangs ondekt hebben. Hier kuieren we nog een poosje rond
voor de broodnodige foto’s en daarna rijden we terug richting Boiling Springs.
Bij Ingles maken we een pitstop om een avondmaal samen te stellen: gegrilde kip met gepofte knoflook en sjalotten met salade. Het smaakt bijzonder goed en ook de bananensplit toe kan de goedkeuring wegdragen. Na het eten lopen we een rondje door de wijk en het is bijna ontluisterend om te zien dat ons ‘kasteel’ nog een van de kleinere huizen in de wijk is. ’s Avonds pakken ze de koffers al weer in, want morgen gaat de grote reis pas echt beginnen en Rob en ik rijden een stukje met ze mee!