Road trip naar Boiling Springs

Op zondag 20 april zit onze reis erop en Rob en ik hebben 550 kilometer voor de boeg tot we thuis zijn. We rijden rond negen uur weg van Jekyll Island en de tropische warmte. Het wordt vandaag duidelijk een mooie en warme dag. Het is vreemd om ineens weer met z’n tweeen te zijn in plaats van met z’n vieren.

Onderweg stoppen we voor een hapje bij KFC en na een dikke vier uur achter het stuur vindt Rob het welletjes. We ruilen om en ik rij tot we thuis zijn in Boiling Springs, waar we iets voor 15.00 de auto weer in de garage parkeren. Deze week hebben we precies 1000 mijl gereden! De tuin is de afgelopen dagen groener geworden en de bomen in de achtertuin hebben nog meer bladeren dan voorheen. De huizen aan de overkant zijn nauwelijks nog te zien!

Een wasbeertjeAls we ’s avonds gerommel horen bij de achterdeur denken we dat de eekhoorns weer op jacht zijn naar eten. Maar als we de deur opendoen zit daar tot onze verbazing… een wasbeertje! Even speuren op internet leert ons dat deze diertjes ook in bewoond gebied voorkomen en dat ze alleseters zijn. Als het donker is gaan ze op zoek naar voedsel en deze rakker heeft zich de afgelopen nachten blijkbaar tegoed gedaan aan het vogelvoer in de achtertuin. Ik ben benieuwd of we hem komende avond weer zien.

Jekyll Island

We beginnen op zaterdag 19 april al vroeg aan de dag, nog voor 7.00. Snel een bak koffie, ontbijten, de camper loskoppelen van water en stroom en zo snel mogelijk op weg naar Jekyll Island, een schiereilandje voor de kust van Georgia. Het is zo’n 80 mijl rijden en bij Brunswick, dat op de route ligt, halen we wat boodschappen en gooit Jos de tank van de camper vol. Er gaat maar liefst voor 98 dollar aan benzine in!

De Brunswick BridgeWe vervolgen de weg en om Jekyll Island op te komen moet je een enorme brug over. Het is een zeer indrukwekkende constructie. We draaien het eiland op en worden begroet door tropische flora en fauna. Parkeren op het eiland kost 3 dollar en dat geld komt ten goede aan natuurbehoud. De camping ligt aan de andere kant van het eiland, dat zo’n 12 kilometer lang is. Bij het campingkantoor blijkt dat je in het weekend minimaal 2 nachten moet boeken, dus dat betekent dat mam en Jos hun plannen wat moeten aanpassen, omdat ze in hun planning maar een nacht op Jekyll Island voorzien hadden.

We lunchen met croissants en kaneelbroodjes en bekijken de camping. We hebben weer een vuurkorf en picknicktafel tot onze beschikking, dus vanavond kunnen we buiten eten en weer een kampvuur maken. Het is tijd voor wat activiteit en bij het campingkantoor huren we vier fietsen voor 3 dollar per uur. De fietsen zijn wat anders van vorm dan we gewend zijn maar na een paar meter merk je daar niet zo veel meer van. Vier uur lang rijden we over de mooi aangelegde paden en door de bossen. Het landschap is bijzonder afwisselend: het ene moment waan je je in een tropisch regenwoud, dan ben je tussen de duinen en aan zee of rij je tussen een kleine maar adembenemende woonwijk door. Het stikt van de vogels en andere beestjes en de camera’s maken overuren.

Het is ontzettend grappig om te zien hoe automobilisten reageren op fietsers. Ze remmen eerst enorm af en rijden er vervolgens met een grote boog omheen. Als we de fietsen rond 17.00 weer inleveren rekenen ze ons maar 24 dollar aan. Tellen is duidelijk niet hun sterkste kant en als echte Hollanders zeggen we er natuurlijk niets van. We kopen alvast wat Dode bomen op het witte strandblokken hout om vanavond een kampvuur te maken.

Een stukje voor de ingang van het kampeerterrein ligt een restaurant waar mam en Jos ons trakteren op ‘een laatste avondmaal’. Morgen rijden we immers terug naar Boiling Springs, terwijl zij nog een poos blijven rondtrekken. Het is echt zuiders eten en we maken kennis met de grote hoeveelheden kaas die Amerikanen over hun eten gooien. De broccoli verzuipt erin! We knabbelen tevreden van al het lekkers en rijden daarna terug naar de camping.

Terwijl mam en ik koffie zetten, maken Rob en Jos het vuur aan. Althans, dat proberen ze. Als de koffie op is, blijkt het vuur niet aan te slaan. Op dat moment gaan de buren weg en wij mogen hun vuur gebruiken, dat wel brandt. We zetten de stoelen verderop neer en genieten de rest van de avond van een glaasje wijn rond het vuur.

Van Charleston naar Savannah

Typische woning in SavannahOp vrijdag 18 april wordt iedereen uitgerust wakker en na een stevig ontbijtje van geroosterd brood met gebakken honingworstjes en ei rijden we het mooie campeerterrein James Island RV Park weer af. Na een broodnodige stop bij een tankstation beginnen we aan de 120 mijl naar Savannah in Georgia. Het eerste stuk brengt ons over mooie slingerende tweebaanswegen. Op die manier leggen we de eerste 50 mijlen af. Daarna draaien we de snelweg op en rijden we in een keer goed naar camping Savannah Oaks, waar we vannacht zullen staan.

Na de formaliteiten rijden we naar het Visitors Center dat aan de rand van de stad ligt. Hier kopen we kaartjes voor de Old Savannah tours. Deze tourbussen rijden door de stad en je kunt zo vaak in- en uitstappen als je wilt. Het is natuurlijk een uitermate toeristische manier om de stad te bekijken, maar we hebben maar een dag en het is veel te uitgestrekt om te lopen.

Een van de vele pleintjes in hartje SavannahDe bus neemt ons mee naar de ontelbare schilderachtige pleintjes die de stad rijk is. Deze pleintjes zijn oases van rust en groen en zetten meestal een of andere militair in het zonnetje die de stad een grote dienst heeft bewezen. De gidsen op de tourbus vertellen honderduit en je komt ogen en camera’s tekort om alles goed vast te leggen. De weelde van het oude zuiden is overal aanwezig, bij elke hoek die je omgaat staan weer nieuwe statige panden, groot en klein, maar altijd zeer verzorgd. Talloze films zijn hier opgenomen, zoals Forrest Gump, Glory en Midnight In The Garden Of Good And Evil.

We stappen een aantal keren in en uit en vergapen ons aan al het moois, zoals de beroemde oude eiken die volhangen met Spaans mos. Als je hier rondloopt voelt het alsof je eeuwen terug gaat in de tijd en dat elk moment de voordeur van zo’n statig huis open kan gaan en een southern belle met hoepelrok naar buiten komt schrijden. Je ziet voor je hoe Scarlett o’Hara op de veranda staat en herinneringen aan haar geliefde Tara ophaalt.

Savannah’s Waving GirlDe temperatuur gaat vandaag al richting 30 graden en de kou van twee dagen terug lijkt een eeuwigheid geleden. Bij halte 11, aan de Savannah River, stappen we een pub binnen voor een drankje. Rob neemt een frozen margharita, Jos een cocktail en mam en ik lekker saaie frisdrank. We nemen er tortilla’s met gehakt-kaasdip bij, want van dat rondslenteren krijg je best trek.

We komen ook langs het beeld ‘Savannah’s Waving Girl’ (Savannahs Wuivende Meisje). Het stelt Florence Martus voor, een meisje dat haar hart verloren had aan een zeeman en tussen 1881 en 1931 naar elk schip in de haven wuifde in de hoop hem terug te vinden. De stad bulkt van dit soort romantische verhaaltjes die Savannah zeer tot de verbeelding doen spreken.

Buiten maken we wat foto’s van het uitzicht over de rivier en nemen dan de laatste bus terug richting parkeerplaats. We rijden naar het RV park en de eekhoorns schieten ook hier alle kanten op. Rob leeft zich uit met de camera en legt ze vanuit alle hoeken vast. Dat we hier in moerassig gebied zitten bljkt wel uit de aanwezigheid van de muggen die iedereen steken. Bij het park ligt ook een riviertje waar we gaan kijken. Je mag er in verband met de aanwezige alligators niet in zwemmen, maar het drassige water ziet er ook niet bijzonder aantrekkelijk uit, dus dat zal geen probleem zijn. ’s Avonds maken we gevulde tortilla’s en bedenken we alvast wat voor leuks ons morgen weer te wachten staat.

In Charleston

Op donderdag 17 april worden we aanmerkelijk uitgeruster wakker dan de dag ervoor. Dankzij de fleecedekens kon het geen kwaad dat het vannacht weer gevroren heeft. We frissen ons op, eten een ontbijtje en rijden terug naar het centrum van Charleston. Rob kent de weg al goed dus er gaat geen tijd verloren.

We lopen eerst een stuk over de overdekte markt in het hartje van het oude centrum. Hier worden ontelbare souvenirs verkocht aan de vele toeristen die hier dagelijks langs komen slenteren. Rob maakt er met behulp van zijn verjaardagscadeau (een soort zoek-om-een-hoek voor de camera) een paar foto’s van kraampjes bij kooplui die niet willen dat je er foto’s maakt. In de buurt van de markt strijken we neer bij TBonz, waar we met Chretien ook al eens gegeten hebben. We eten hier een heerlijke club sandwich met huisgemaakte chips, nog zo’n aparte Amerikaanse traditie. We zijn de grote drukte net voor en het zit er bomvol als we weer naar buiten gaan.

Weelderige woning in pittoresk CharlestonWe lopen door naar de zee en wandelen wat over de pier en het parkje dat er in de buurt ligt. Je kunt je hier heerlijk vergapen aan het zicht op passerende bootjes aan de ene kant, en miljonairswoningen aan de andere kant. Er zijn ergere plaatsen op de wereld!

We wandelen verder naar het Calhoun Mansion, het grootste huis in Charleston dat zo’n 2800 m2 groot is. Het heeft 35 kamers en heeft een rijke geschiedenis. Je kunt er een rondleiding volgen en dat terwijl het huis gewoon bewoond is! Het pand is gebouwd door een zekere meneer Williams, een koopman die tijdens de burgeroorlog een fortuin verdiend heeft. Het wordt gezegd dat Margaret Mitchell de figuur Rhett Butler op hem gebaseerd heeft. We bekijken eerst de fraaie tuin en halen dan kaartjes voor de rondleiding met gids.

In Calhoun MansionEen nogal nichterige vent neemt ons mee langs de onbeschrijflijke weelde in het huis. De eigenaar heeft gisteravond nog een dineetje gehouden en het huis staat vol met verse snijbloemen. Hij is bovendien een zeer bereisd man en hij heeft overal ter wereld kunstschatten vergaard die nu in het huis staan. Menig museum komt regelmatig bij hem bedelen of hij zijn schatten aan hen wil verkopen. De gids wijst ons nog speciaal op een aantal objecten in het huis die uit Nederland komen.

Van het huis kuieren we richting het centrum en strijken we neer in een pub voor een drankje. Het is vandaag al 27 graden dus een opfrissertje gaat er wel in! Terug in de parkeergarage halen we de auto op en zoeken we een supermarkt in de buurt van het RV park om wat boodschappen te halen voor het eten. Niet veel later staan we pannenkoeken met spek en appel te bakken, die we vervolgens buiten opeten met een lekker glaasje rode wijn erbij.

De mannen in ons gezelschap kunnen de aantrekkingskracht van het open vuur niet weerstaan en gaan hout verzamelen om in de vuurkorf te gooien. Rob heeft de vlammen al snel aan de gang en het droge hout brandt als een tierelier. We klappen de tuinstoelen uit en gaan nog lekker een uurtje rond het gezellig knetterende vuur zitten met een kop koffie.

Van Gadsden naar Charleston

De nacht van dinsdag 15 april op woensdag 16 april is een gedenkwaardige, maar helaas niet om de goede redenen. Buiten vriest het, in de camper is het ijskoud en de dekens zijn akelig dun. Behalve eskimo Rob liggen we allemaal te blauwbekken van de kou. Zo duurt de nacht natuurlijk erg lang en we slapen dan ook niet veel.

Cypressen met ‘knieen’Bij het krieken van de dag, om 6.15, komen we in actie en proberen we de kachel aan de praat te krijgen. Als we een kop koffie en brood met gebakken eieren op hebben voelen we ons een beetje beter. We besluiten om de mooie wandelroute van gisteravond nog eens over te doen bij daglicht. Ook nu is het spectaculair lopen over het verhoogde houten pad en het ochtendlicht geeft alles een sprookjesachtige gloed. Er staan reusachtige, eeuwenoude cypressen die tot in de hemel reiken. Ze worden omgeven door eigenaardige kronkels die cypressen-knieen worden genoemd. Als we later in het bezoekerscentrum informeren wat dit zijn, blijkt dat niemand het precies weet. Er bestaan echter drie theorieen: 1) het zijn een soort luchtwortels, 2) ze bieden de grote cypressen extra stut en 3) de kronkels vergaren hout- en bladerafval om zo extra voedsel voor de boom aan te maken. Je komt op dit wandelparcours nagenoeg niemand tegen, wat nogal vreemd is voor iets wat zo onbeschrijflijk mooi is.

Terug bij de auto maken we ons klaar voor vertrek naar Charleston. Ook dit zijn nog de nodige kilometers en we bereiden ons voor op een rit van ruim twee uur. halverwege stoppen we bij een Subway voor een broodje en rijden dan verder. Het zoeken naar het RV park waar we moeten zijn stuurt ons langs allerlei wegen en de TomTom heeft het er maar moeilijk mee. Uiteindelijk vinden we het dan toch en als we binnenrijden zien we een indrukwekkende, zeer groene en uiterst luxe camping. Op het meer achter de ingang wordt volop gewatersport en we zijn omgeven door reusachtige campers. Het is een hemelsbreed verschil met de primitieve omstandigheden in Congaree.

We zoeken ons staanplaatsje op, installeren ons aan de hook-up (water en stroom) en rijden met de flink opgewarmde Pontiac naar het centrum van Charleston. Rob weet hier inmiddels aardig de weg en ondanks het drukke verkeer loodst hij ons probleemloos de parkeergarage van het Visitors Center in. Even later loopt Rob voor de 4de keer, ik voor de 2de keer en mijn ouders voor de 1ste keer door het imposante centrum van Charleston. Het blijft genieten van de schitterende en decadente huizen en de ontspannen sfeer, ook als je hier al eens eerder bent geweest.

Zicht op idyllisch CharlestonWe lopen King Street af naar Battery Park aan zee en kuieren via Meeting Street weer terug. Even na 18.00 uur strijken we neer in de Noisy Oyster voor een lekker stukje vis en een stuk chocoladetaart waar we met z’n vieren van eten. De ober doet zijn uiterste best om een goede fooi bij elkaar te sprokkelen en hij is overdreven vriendelijk en hartelijk. Zelfs mam eet een maaltje vis en dat is voor haar heel bijzonder.

Na het eten halen we de auto op en rijden we naar Wal-Mart. Hier slaan we zes fleece-dekens in zodat we vannacht niet nog eens liggen te verkleumen. Daarna drinken we koffie in de camper en al snel is het bedtijd, vooral met de afgelopen beroerde nacht die ons erg vermoeid heeft. Dat de dekens niet voor niets zijn, blijkt wel als ondanks de ruim 20 graden overdag de temperatuur ’s nachts weer onder het vriespunt glijdt.

Van Charlotte naar Gadsden

Op pad met de RV!Op dinsdag 15 april is iedereen al op tijd wakker. Ik kan het stokbrood al vroeg in de oven schuiven en na een eenvoudig ontbijtje kan alle bagage de auto in. Bij Ingles nemen we nog wat muffins mee om iets achter de hand te hebben voor het geval lunchen vanwege het reizen te tijdrovend is. We rijden vandaag eerst naar Charlotte in North Carolina om de RV op te halen. Het is nog een flinke trip: we rijden rond 8.45 aan en hoewel we slechts enkele korte stops maken zijn we net voor de middag bij Thomas RV Rentals. De familie Thomas is lekker chaotisch maar vriendelijk en het duurt een uurtje voor ze alle spullen bij elkaar hebben verzameld.

Het is dus al 13.00 als we echt aan onze reis beginnen! We hebben vandaag nog zo’n 140 mijl (224 km) voor de boeg. We stoppen onderweg nog bij een Wal-Mart om wat boodschappen in te slaan, maar deze winkel verkoopt heel veel behalve… eten. Met het idee dat we dit in Gadsden wel kunnen halen rijden we verder.

Het Congaree National Park laat zich niet zo makkelijk vinden maar om 16.00 uur rijden we er dan toch eindelijk binnen. zoals gebruikelijk sluit men hier om 17.00 de poort, dus snel handelen is geboden. Bij het visitors center vertellen ze ons  waar we in het park gratis mogen overnachten. Er zijn echter nagenoeg geen faciliteiten dus het wordt een beetje een primitieve bedoening.

We rammelen inmiddels van de honger, dus vragen we aan een medewerker waar de dichtstbijzijnde winkel is. Dit is een pietepeuterig zaakje bij een pompstation in het plaatsje Gadsden zelf. Met handen en voeten halen mam en pap hier een In Congaree National Parkkilo diepgevroren gehakt, spaghetti, een pot saus, een ui en een blik doperwten. Hier maken we uiteindelijk toch een smakelijke pot pasta van!

Na het eten besluiten we rond 19.00 uur nog een wandeling door het park te maken. We volgen de niet al te lange Bluff trail maar zonder het te merken lopen we halverwege de Boardwalk trail op. Dit fantastische wandelpad is volledig op houten palen en loopt kilometers lang boven het moerasland. Het is een indrukwekkend pad vol schilderachtige uitzichten. Op den duur valt de duisternis in en lopen we met de zaklamp naar het bezoekerscentrum. Van hieruit kunnen we de verharde weg volgen tot we terug bij de RV zijn. Ook dit is nog een aardig stukje, maar we hebben onze koffie toch in ieder geval verdiend!

Bezoek uit Eindhoven

Nadat we op zondag 13 april de dag goed besteed hebben aan het fatsoeneren van de tuin is het rond 17.45 tijd om naar Greenville te rijden. Als het goed is staan mijn ouders daar rond 18.30 op het vliegveld. Ze staan dan op het punt om te beginnen aan een vakantie van drie hele weken, die begint en eindigt in Boiling Springs. Het vliegtuig heeft een kleine vertraging maar slechts een kwartiertje later dan gepland lopen mijn ouders ons tegemoet.

Moe van de lange reis en de lange dag kruipen ze op de achterbank van de Pontiac voor hun eerste ritje door dit gigantische land. bij thuiskomst kijken ze hun ogen uit. Hoewel ze de foto’s vaak genoeg hebben gezien is het huis veel groter dan ze gedacht hadden. We eten de goulash die ik eerder op de dag al gemaakt heb en na de koffie kruipen de vermoeide reizigers in bed.

Wakker worden met kaneelbroodjes.Maandagmorgen, 14 april, zitten we gevieren om de ontbijttafel en vult het huis zich met de geur van ovenverse kaneelbroodjes. Amerikaanser kun je je vakantie niet beginnen! We rijden naar Spartanburg om een indruk te geven van de omgeving waar we wonen. Ook nu kijken mam en pap hun ogen uit: alles is enorm uitgestrekt en weids, echt ontzettend anders dan Nederland waar alles boven op elkaar staat.

In het centrum rijden we eerst naar Wal-Mart en daarna Best Buy voor de aanschaf van een laptop. Die hebben we, met behulp van de ratelende verkoper, snel gevonden. Bij het nabijgelegen Schlotzsky’s eten we een broodje en daarna rijden we verder naar de Westgate Mall. Mijn moeder is het winkelen nog niet verleerd en koopt bij de herenafdeling van Dillard’s een paar poloshirtjes voor Jos. Via Starbucks rijden we verder naar het botanische tuintje dat we onlangs ondekt hebben. Hier kuieren we nog een poosje rond De nieuwe Dell van mijn ouders.voor de broodnodige foto’s en daarna rijden we terug richting Boiling Springs.

Bij Ingles maken we een pitstop om een avondmaal samen te stellen: gegrilde kip met gepofte knoflook en sjalotten met salade. Het smaakt bijzonder goed en ook de bananensplit toe kan de goedkeuring wegdragen. Na het eten lopen we een rondje door de wijk en het is bijna ontluisterend om te zien dat ons ‘kasteel’ nog een van de kleinere huizen in de wijk is. ’s Avonds pakken ze de koffers al weer in, want morgen gaat de grote reis pas echt beginnen en Rob en ik rijden een stukje met ze mee!

Ontwerp een vergelijkbare site met WordPress.com
Aan de slag