Op zaterdagochtend zitten we om half acht al gedoucht en wel aan het ontbijt. Met wat water en een snack voor onderweg beginnen we aan de lange rit van 210 mijl naar Charleston. Het is prachtig weer en met de nodige muziek rijden we lekker door naar de oostkust. Ik rij zelf tot een stukje voorbij Columbia en wissel dan met Rob, die ons rond de middag de parkeerplaats van het hotel oprijdt. De dame aan het loket vertelt ons dat we nog niet op onze kamer terecht kunnen, dus we rijden door naar het centrum van Charleston, dat nog ruim 8 mijl bij het hotel vandaan ligt.
Charleston is een populaire toeristische trekpleister, met name voor de Amerikanen zelf. Het is het kraambed van wat later de Amerikaanse beschaving zou worden. De Engelsen kwamen hier in de 17de eeuw aan land en begonnen te vechten met de Spanjaarden, die in Florida zaten. De Fransen in Louisiana gingen zich ook met de strijd bemoeien, die uiteindelijk door de Engelsen werd gewonnen. Koning Charles gaf zijn naam aan het plaatsje, dat vanaf dat moment bekend werd als ‘Charles Towne’. De koning wilde steeds meer belastingen innen en toen er in de haven (toen de belangrijkste handelsplaats) belasting op thee werd geeist, was de maat vol. De bewoners van Charles Towne kwamen hiertegen in opstand.
Het Engelse leger sloeg de opstand neer en bombardeerde meteen de halve stad. Uiteindelijk was dit niet voldoende om de rebelse bewoners van Charles Towne, en met hen de rest van het land, onder de duim te houden. South Carolina verklaarde zich als eerste staat onafhankelijk! Charles Towne werd omgedoopt naar Charleston en was de hoofdstad van de staat South Carolina. Slavenhandel, katoenplantages, rijst, tabak en thee brachten veel geld en dus rijkdom binnen en Charleston ontwikkelde zich snel als metropool van het zuiden.
Ongeveer honderd jaar later werd Charleston nagenoeg volledig gebombardeerd in een bijna anderhalf jaar durend beleg. De reden hiervoor was dat de troepen uit het noorden (de ‘Yankees’) afzakten naar het zuiden om daar de rebellie de kop in te drukken en de welvaart weg te roven. Na een hevige strijd, beter bekend als de Civil War, moest het zuiden zich gewonnen geven. Een van de belangrijkste gevolgen was de afschaffing van de slavernij. Bovendien werd Columbia de nieuwe hoofdstad van South Carolina. Charleston was niet langer het middelpunt van de staat, en is zodoende sinds die tijd niet zo heel veel meer veranderd, waarmee de oude stijl grotendeels behouden is gebleven.
Als wij rond de middag een parkeerplaats zoeken in het centrum, blijkt pas hoe populair deze bestemming is. Alles staat helemaal vol en we rijden bijna een half uur in de drukte rond voordat we de auto uiteindelijk parkeren in de grote parkeergarage bij het Visitors Centre. Het mooie weer heeft duidelijk veel mensen gelokt! Omdat Rob hier al eens geweest is, weet hij de weg een beetje. In een van de drukte straten, Market Street, duiken we een zaakje binnen dat Tbonz heet. In dit leuk aangeklede restaurantje eten we een echte Amerikaanse lunch: hamburgers! Waar vroeger de overdekte markten waren waar vlees, vis en groenten verkocht werden,
is nu een leuke toeristische marktplaats waar je allerlei snuisterijen kunt kopen. Hoewel het duidelijk een toeristenval is, is het aanbod mooi en gevarieerd.
Vanaf de markt lopen we door naar de zee en we komen door het historische district. Hier staan schitterende oude huizen in Engelse stijl die meestal enkele honderden jaren oud zijn. Je kunt hier heerlijk wandelen en het doet wat Europees aan. Het voelt een beetje alsof je rondloopt in de film Gone With The Wind. Het kost niet zo veel moeite om je voor te stellen hoe Scarlett o’Hara en Rhett Butler ieder moment de hoek om kunnen komen in een hoepelrok en kostuum. We spenderen heel wat tijd in dit gebied en aan het water.
In de middag wandelen we terug in de richting van het museum The Old Exchange and Provost Dungeon. De laatste rondleiding gaat dan net van start en we besluiten om op zondag terug te komen zodat we op ons gemak kunnen rondkijken. Om die reden gaan we terug naar de auto en rijden naar het hotel, waar we inchecken. Het hotel lijkt enigszins op hetgeen dat we gisteren nog in de film No Country For Old Men hebben gezien, dus we stellen ons voor de dat seriemoordenaar elk moment kan opduiken… Op de parkeerplaats staan een paar echte kerels te barbecuen in de achterbak van hun pickup truck. Jammergenoeg worden we niet uitgenodigd.
We rijden naar een vestiging van Red Lobster, een restaurant dat bekend staat om zijn verse kreeft en andere lekkernijen uit de zee. Het is hier echter zo druk dat er buiten al een lange rij staat. We kiezen er dus voor ergens anders naar toe te rijden. Het is nogal donker op straat en natuurlijk is het een vreemde stad, dus de rit levert enkele bijzonder spannende momenten op. Uiteindelijk komen we bij een Chinees restaurant terecht dat Peking Gourmet heet. Het is duidelijk bedoeld als afhaalchinees, maar we kiezen ervoor om het toch ter plaatse te eten. De verkoopster is geamuseerd en voor een schijntje eten we ieder een heerlijk bordje gezond en geroerbakt Chinees eten. Een smakelijk eind aan een heerlijke dag.
Na het eten rijden we nog even naar Wal-Mart. Chrétien heeft sinds hij in de VS is alleen nog maar vrij koud weer gehad en daar had zijn koffer niet op gerekend. Bij Wal-Mart koopt hij een lekker foute trui voor 6 dollar en een t-shirt voor 5 dollar. Kijk, zo kun je nog eens winkelen! Ik kan zelf geen ‘nee’ zeggen tegen een leuk shirtje (een babydoll), dus mijn dag is ook weer goed. We vermaken ons nog even met de ‘I love Jesus’ t-shirts die er volop hangen. ’s Avonds kijken we naar het nepworstelen op tv en houden het dan voor gezien.
De film begint tegen vier uur en is een heerlijk en spannend verhaal over een man die per ongeluk op een smak geld stuit en achtervolgd wordt door een meedogenloze seriemoordenaar die het geld terug wil. Het verhaal wordt met spanning en humor verteld en is zodoende erg vermakelijk.
Een visum voor de VS bemachtigen is geen eenvoudige zaak. Als je weet dat je vingerafdrukken en een foto worden genomen als je alleen als toerist het land binnen wilt, kun je je voorstellen dat een visum voor 3 jaar nog heel wat meer behelst. De advocaten van Robs bedrijf hebben zich er in Belgie en Amerika over gebogen en hebben dikke pakken papier aan ons gespendeerd. We zijn nu inmiddels zover dat Robs doopceel volledig is gelicht en we hebben groen licht gekregen.
Voor ons visum hebben we ook heel specifieke pasfoto’s nodig die aan allerlei maten en verhoudingen moeten voldoen. Dit soort foto’s kun je in Belgie maar op een beperkt aantal plaatsen laten maken, dus Rob had uitgezocht of we het hier in de buurt ook konden regelen. En jawel, gisteren zijn we naar een FedEx/Kinko’s winkel gereden om hier de lelijkste en duurste pasfoto’s te laten maken die ik in dit leven ben tegengekomen. Maar goed, het is toch weer iets dat we van ons lijstje kunnen schrappen.
Dat Amerikanen heel bijzondere ideeen hebben over wat gezond is en wat niet mag inmiddels bekend zijn. Ketchup is gezond want het is gemaakt van tomaten en aardappelen zijn groenten, dus eigenlijk is friet met ketchup een hartstikke gezonde maaltijd vol vitaminen. Het is in ieder geval zo dat je vaak chips bij je eten krijgt als je ergens een lunch bestelt en dat friet soms als ‘vegetable chips’ (groentechips) op het menu staat.
Afgelopen zondag hadden we weer zo’n fraai geval. Deze keer stonden er twee jongens achter de kassa die vol verbazing stonden te kijken naar een vreemd object in ons karretje. We hadden prei meegenomen en de een vroeg aan de ander: ‘Weet jij wat dit is?’ Ik vertelde hen dat het ‘leek’ (prei) was. Wederom speurden ze hun lijstje af. ‘Hoe spel je dat?’ vroeg de een, en ‘Is dat Japans?’ vroeg de ander. Nou, geloof dan maar dat het moeilijk is om je gezicht in de plooi te houden.
Op zondag brengen we Chrétien rond de middag naar het vliegveld. We zwaaien hem uit en rijden dan weer terug naar Boiling Springs. Ik zit zelf achter het stuur in de hoop dat ik de route kan onthouden zodat ik in de toekomst ook Rob naar het vliegveld kan brengen als het nodig is.
Als we deze en andere klusjes achter de rug hebben, is het tijd om rustig op de bank te zitten en ons te vergapen aan alle glitter en glamour van de Oscars. De staking in Hollywood is voorbij, dus de hele ceremonie kan als vanouds plaatsvinden. De sterren verdringen zich voor de camera’s om hun dure jurken, schoenen en tasjes te laten zien. De prijsuitreiking zelf is leuk om naar te kijken en van alle winnaars die we voorspeld hebben, hebben we er 14 van de 17 goed!
Op zaterdag zijn zowel het weer als Chrétien een stuk opgeknapt. Het is dus een mooie kans om het schitterende Chimney Rock nog eens van dichtbij te bekijken. Via de mooiste slingerweg die we kennen, kronkelen we langzaam naar het pietepeuterige plaatsje (een hele straat lang) toe. Het blijft ook bij een tweede bezoek adembenemend mooi. We kijken eerst wat rond bij de winkeltjes en strijken voor de lunch neer in het Old Rock Cafe. Het heeft zijn naam te danken aan de oude stenen die hier overal liggen, en daarnaast draaien ze er inderdaad ‘old rock’. De klassiekers van Elvis, Buddy Holly en hun tijdgenoten tetteren vrolijk uit de boxen. We bestellen er alledrie een ‘Smoked Pork BBQ sandwich’, een geroosterd broodje met op appelhout gerookt varkensvlees en handgesneden dikke frieten. Het is een hele boterham, maar met de fikse tocht die ons nog te wachten staat, kan een stevige lunch geen kwaad!
Normaal gesproken kun je vanaf de waterval doorlopen naar Chimney Rock, maar deze route is in deze tijd van het jaar gesloten wegens gevaar. Langs de weg die we gekomen zijn, gaan we zodoende ook weer terug. We lopen nu verder op de Hickory Nut Falls Trail, de weg die leidt naar de onderkant van de waterval. Deze wandeling start met een heleboel trappen die we moeten afdalen, en veel erger… straks op de weg terug weer zullen moeten opklimmen. Het pad staat beschreven als ‘matig inspannend’ maar als je de hele dag al aan het traplopen bent geweest, is het klimmen en dalen op deze route toch een behoorlijke inspanning. Onderweg worden we getrakteerd op vele mooie uitzichten en uiteindelijk een mooi zicht op de waterval zelf.
Donderdagochtend beginnen we de dag zo Amerikaans als maar kan: met een pannenkoekenontbijt! Vol energie rijden we vervolgens naar Ingles om de nodige boodschappen te halen. Daniel en Vicki komen vanavond bij ons eten en er staat Grieks op het menu. Tot de middag ben ik bezig met het voorbereiden van het eten en daarna rijden we naar Spartanburg voor de volgende typische Amerikaanse activiteit: slenteren in de Westgate Mall. We lopen bij een heel stel winkels even binnen om ons te vergapen aan de omvang en het grote aanbod. Chrétien pikt hier en daar alvast wat souvenirs op.
Terug thuis zet ik de horiatiki salade, de warme bonensalade, watermeloen, druiven, worteltjes, tzatziki en de vegetarische moussaka klaar en als Daniel en Vicki met de kleine Emma rond half zeven binnenkomen, kunnen we aan tafel. Het wordt een gezellige avond en alle kommen en schalen gaan goed leeg. Voor Daniel en Vicki is het een eye-opener, zij zijn voor hun beleving ‘exotisch’ mediterraans eten niet gewend. Ik beloof hen dat ik nog eens voor hen zal koken en dan weer iets zal maken dat ze niet kennen. Zo kunnen we elkaar iets van verschillende culturen bijbrengen: wij leren de Amerikaanse manier en zij de Europese!
Vandaag vindt er in de staat Vermont een zogeheten ‘
om in het ijswater te springen, halen ze op deze manier geld op om hun activiteiten te kunnen voortzetten.
Afgelopen weekend heb ik bij Barnes & Noble een kookboek gekocht van de 